Via Marktplaats koop ik jaren terug alweer een grijs gemarmerde Hohner. Aan de knoppen mankeert nog een en ander, dus breng ik het in Bes-Es gestemde apparaat naar Karel van de Leeuw. Zodra ik het weer in mijn handen heb en uittest, valt het Karel en mij op dat het ding eigenlijk heel goed klinkt (beter nog dan de Goudbrand
aldus Karel). In tegenstelling tot de Goudbrand kleppert dit instrument ook helemaal niet. Maar ja, dat lelijke grijze gemarmerde...
Gemarmerd bij de Hohner Erica vind ik geen probleem, gezien de wat modernere uitstraling, maar verder geeft gemarmerd mij een goedkope uitstraling. Ik vind het gewoon niet mooi. Zeker als het een groen-grijze variant betreft, die je nogal eens aantreft bij oudere Hohners.
Kortom: ik wil van dat gemarmerde motief af. Nog voor dat het in me opkomt om het instrument ‘voor de de behandeling’ op de kiek te zetten, ga ik op pad op zoek naar geschikte lak.
Bij Artifact op de Haagse Noordwal beveelt de winkelier me een soort inktachtige substantie op alcoholbasis aan. Het betreft een hoogglanslak van het Duitse merk ‘Molotow’ (serieus!).
Het lakken is snel geschied. Al gauw heb ik twee lagen hoogglans aangebracht, maar het resultaat toont erg onregelmatig. Het oordeel van mijn trouwste leerling liegt er niet om: het lijkt wel een doodskist. Dit is echt niet mooi.
Het is duidelijk. Ik moet iets bedenken, maar wat? Misschien moet ik de lak aanbrengen met een sponsje.
Het lijkt me verstandig om de laklaag op te schuren in de hoop dat de volgende laag regelmatiger is. Schuurpapier heb ik niet zo gauw voorhanden, maar mijn oog valt op een dot staalwol in een van mijn honderd klusbakken. Het resultaat van de die aanpak is verbluffend: de hoogglans verdwijnt en er ontstaat nu een egaal dofglanzend vlak.
Ik zit er nu aan te denken om het af te maken met wat goudversiering. Heb ik niet wat liggen in een van mijn buffetladen, waar alles in ligt wat met een harmonica heeft te maken?
Mijn oog valt op een paar strips plakletters. Behalve het hele alfabet zitten daar ook wat decoratieve elementjes bij en wat smalle stroken: alles goudkleurig.
Ik tijg aan het werk en binnen een uur heb ik alles opgeplakt. Nu nog een naam bedenken. ‘Hohner’ vind ik teveel voor de hand liggen; het moet sjieker. ‘Panelli’, dat klinkt wel aardig Italiaans. Als ik de letters heb opgeplakt, blijkt de naam niet helemaal gecentreerd te staan. Dat is gelukkig gemakkelijk op te lossen: het wordt ‘Panellini’. Was dat nog niet toereikend geweest, dan had ik er altijd nog ‘Parenellini’ van kunnen maken, maar dat is niet nodig.
Het reslutaat app ik naar mijn leerling. Dat is een professionele opfrissing. 👍Het is een duidelijke verbetering
, is zijn reactie.
Maar we zijn er nog niet. Vind ik.
De balg met blokjesmotief moet nog helemaal zwart worden gemaakt en ik vraag me af of het niet beter is nog wat meer goudkleur toe te passen, omdat het zwart toch wel erg domineert. Daarbij denk ik aan biezen van de balg en de knoppen. Die ivoorwitte knoppen verraden naar mijn gevoel toch te veel dat dit een Hohner is.
Ik leg het voor aan de harmonicagroep op Facebook. De meningen verschillen tussen het zo laten en ook de knoppen en de balg (deels) goudkleurig maken.
Uiteindelijk kies ik toch (voorlopig) voor meer goud: als het niet bevalt is het eenvoudigweg te verwijderen (knoppen) of over te schilderen (balg). Voor de goudkleur begeef ik me naar Goedman in de Haagse Prins Hendrikstraat.
Te eenvoudig, blijkt. De was verdwijnt van de knoppen zodra ik ze beroer. Een op de buitenvouwen van de balg vind ik het toch wat dominant. De schittering is wel er weinig subtiel Bovendien kwast ik er – vooral bij de knoppen – regelmatig naast. Met zwarte viltstift zijn die goudvlekken wel weer te maskeren, maar toch kun je het verschil in zwarting duidelijk zien. Dit doet het werk eigenlijk wel een beetje teniet. Aanvankelijk heb ik overigens een Unipaint-viltstift gebruikt. Dat goud ‘pakt’ beter en de kleur is wat gedempter. Helaas is die snel op en het is weekend . Ik had het misschien beter daarbij kunnen laten. We overwegen om meer van die viltstiften aan te schaffen en het karwei hiermee over te doen.
Tocn ben ik al heel tevreden over het resultaat: een unieke zwarte Panellini trekharmonica!
Onlangs heb ik weer een begrafenis bijgewoond en beseft dat in Nederland de plechtigheid vooral binnen plaatsvindt. Met de trekharmonica ben je echter zo mobiel, dat je makkelijk ook bij het graf zelf een bijdrage zou kunnen leveren. De bescheiden zwart-gouden afwerking van deze harmonica leent zich er goed toe. En er is genoeg repertoire.
Om even wat vrolijker te eindigen: ik kon het niet laten om voort te borduren op het fanstasiemerk Panellini. Ik besluit er ook maar een fabricageplaats aan toe te voegen, die natuurlijk ook niet bestaat: Loponoccio.
Dat is vrij na een sketch van het duo Kees van Kooten en Wim de Bie. Om e.e.a. geloofwaardiger te maken heb ik zelfs een productieplaatje ontworpen.
Maar ik vind het niet echt realistisch overkomen. Ik doe een gok bij ChatGPT en vraag daar dit plaatje wat te verouderen. Met wat nasleutelwerk lukt dat aardig.
In de groep op Facebook heb ik er aanvankelijk een running gag van gemaakt.
Het is tijd geworden mezelf te ontmaskeren, want niemand van de 1.326 bezoekers van deze groep lijkt nog door te hebben dat dit geen Italiaan is, maar een uiterlijk verbouwde Hohner.
Er is één ding waar je toch aan kunt herkennen dat het hier een Hohner-variant betreft: het verdek. Dat heb ik in de Facebookgroep listig buiten beeld gehouden. Die verdekken zijn vaak licht verschillend, maar lijken allemaal op elkaar.
Deze foto zou zeker twijfels wekken.
Overigens ben ik er zonet achter gekomen dat er in Europa minstens één ander persoon is die Hohner met ingrepen naar heen hoger niveau tilt. Maar dan écht professioneel. Beslist kijken!